Locatie Amsterdam
Jollemanshof 12
1019 GW Amsterdam
Telefoon
020 663 1941
E-mail
info@ictrecht.nl
KvK
34216164
BTW
NL8223.30.040.B01
Locatie Groningen
Leonard Springerlaan 35
9727 KB Groningen
Telefoon
050 209 34 99
E-mail
info@ictrecht.nl
KvK
68038712
BTW
NL857275835.B01
Locatie Brussel
Avenue Louise 65
1000 Brussel
Telefoon
+32 (0)2 535 77 55.
E-mail
info@legalict.com
Ondernemingsnummer
0696.909.465
BTW
BE 0696.909.465
Terug naar overzicht

Crowdfunding: stand van zaken en de Europese Crowdfundingverordening #2

Crowdfundingplatforms komen in verschillende soorten en maten. Sommige vormen van crowdfunding zijn vrij onschuldig, maar andere brengen aanzienlijke (financiële) risico’s met zich mee. Bij bepaalde vormen van crowdfunding kan de platformaanbieder daarom te maken krijgen met het financieel toezichtrecht. In deze blog wordt stilgestaan bij de verschillende vormen van crowdfunding en het huidige Nederlandse regelgevingskader.

Verschillende vormen van crowdfunding

Het begrip ‘crowdfunding’ is vrij breed en onnauwkeurig. Kort gezegd is het idee achter crowdfunding dat een grote groep geldverstrekkers (de ‘crowd’) financiering (‘funding’) verstrekt aan een bepaalde geldvrager. In welke vorm, voor welke doeleinden en onder welke voorwaarden de financiering wordt verstrekt, verschilt van geval tot geval. Er zijn platforms die zicht richten op zakelijke geldvragers, maar er zijn ook platforms die zich toespitsen op consumenten. Om meer grip te krijgen op het gediversifieerde aanbod, wordt er in de praktijk onderscheid gemaakt tussen vier vormen van crowdfunding:

1. Donation based
Dit is de meest eenvoudige (en minst risicovolle) vorm van crowdfunding. Het gaat hierbij om geldverstrekkers die vrijwillig een donatie doen, zonder dat hier een tegenprestatie tegenover staat. Denk bijvoorbeeld aan schenkingen aan een goed doel.

2. Reward based
Hierbij gaat het om het financieel ondersteunen van een project in ruil voor een niet-financiële tegenprestatie. Denk hierbij aan het verstrekken van financiering aan een startup, in ruil voor bepaalde merchandise of een gratis exemplaar van het ontwikkelde product. De tegenprestatie is echter van ondergeschikt belang.

3. Loan based
Bij deze vorm van crowdfunding wordt er een onderhandse lening aan de geldvrager verstrekt, die in de toekomst (met rente als tegenprestatie) aan de geldverstrekkers moet worden terugbetaald. Vaak is de geldvrager een onderneming, maar er zijn ook platforms die zicht richten op het verstrekken van consumentenkrediet.

4. Equity based
De geldvrager trekt vermogen aan door de uitgifte van bijvoorbeeld aandelen of obligaties. De geldverstrekkers ontvangen een tegenprestatie in de vorm van dividend en/of waardevermeerdering van het bedrijf waarin zij investeren.

Bij platforms die actief zijn in categorie 1 (donation based) of 2 (reward based) gaat het vaak om (relatief) kleine bedragen en zijn de risico’s voor de geldverstrekkers beperkt. Platforms die zich op deze vormen van crowdfunding richten, vallen daarom niet onder het financieel toezichtrecht. Bij platforms die vallen in categorie 3 (loan based) of 4 (equity based) is dat anders en komt de Wet op het financieel toezicht (Wft) in beeld.

Vergunning of ontheffing

De Wft gaat uit van een verbodsstructuur. Dat wil zeggen dat het niet is toegestaan om activiteiten te verrichten die onder de Wft gereguleerd zijn, tenzij de aangewezen toezichthouder daarvoor een vergunning of ontheffing heeft verleend. Voor crowdfundingplatforms zal dat in Nederland de Autoriteit Financiële Markten (AFM) zijn. De Wft voorziet in uiteenlopende verboden, zoals het verbod om betaaldiensten te verrichten (artikel 2:3a Wft) en het verbod om als bank te opereren (artikel 2:11 Wft). Aan de hand van een wirwar aan definities moet worden vastgesteld of een partij al dan niet onder een van deze verbodsbepalingen valt.

Afhankelijk van hoe het crowdfundingplatform is ingericht, kunnen zowel de platformaanbieder als de geldvrager te maken krijgen met verschillende verbodsbepalingen uit de Wft. Door de complexiteit van de Wft, kan het een aardige puzzel zijn om uit te zoeken welke regels er al dan niet van toepassing zijn. Om een voorbeeld te geven: leningen worden onder de Wft aangemerkt als “opvorderbare gelden”. Is er sprake van loan based crowdfunding, dan kan de geldvrager daarom te maken krijgen met het verbod tot het aantrekken van opvorderbare gelden (artikel 3:5 Wft). Ervan uitgaande dat het platform als tussenpersoon optreedt bij het aantrekken van deze gelden, komt de platformaanbieder zelf in aanraking met het verbod uit artikel 4:3 Wft. Het platform zal daarom een vergunning of ontheffing bij de AFM moeten aanvragen voor het uitoefenen van deze activiteiten. Worden er leningen verstrekt aan consumenten, dan kwalificeren deze leningen als “krediet” in de zin van de Wft. In dat geval zal de platformaanbieder mogelijk een vergunning moeten aanvragen voor de bemiddeling in krediet (artikel 2:80 Wft).

Indien het platform equity based crowdfunding aanbiedt, zal onder meer beoordeeld moeten worden of er sprake is van “effecten” in de zin van de Wft. Is dat het geval, dan kunnen de activiteiten die het platform verricht mogelijk worden gezien als beleggingsdienstverlening. Dit is bijvoorbeeld aan de orde als het platform “orders” van de geldgevers doorgeeft (ook wel aangeduid als “orderremisier”). Voor dergelijke diensten zal het platform dan een vergunning moeten aanvragen als beleggingsonderneming (artikel 2:96 Wft). Het zou ook kunnen dat er via het platform wordt bemiddeld in “beleggingsobjecten”. In dat geval komt de vergunningsplicht uit artikel 2:80 Wft weer in beeld. Eventueel kan er nog een vrijstellingsregeling of uitzondering van toepassing zijn, waardoor de platformaanbieder tóch geen vergunning nodig heeft.

Crowdfundingplatforms doen vaak meer dan hetgeen hierboven wordt beschreven. Zo kan het platform een samenwerking aangaan met een derde partij (een betaaldienstverlener of een elektronischgeldinstelling) om de betaalstromen tussen de geldvragers en de geldverstrekkers te faciliteren. In dat geval heeft de platformaanbieder mogelijk een vergunning nodig vanwege de bemiddeling in betaalrekeningen of in elektronisch geld (artikel 2:80 Wft). Het platform zou er ook voor kunnen kiezen om zelf de betalingen tussen de geldvragers en geldverstrekkers af te handelen. In dat geval krijgt het platform mogelijk te maken met het verbod tot het verlenen van betaaldiensten (artikel 2:3a Wft).

Volgt u het nog? De Wft staat bekend om zijn complexe structuur. De eerste (belangrijke) stap is daarom telkens om te analyseren of een bepaalde dienst überhaupt onder het toepassingsbereik valt. Pas als dit duidelijk is, kan worden beoordeeld aan welke inhoudelijke verplichtingen moet worden voldaan. Hieronder lichten we een aantal verplichtingen toe.

Inhoudelijke voorschriften voor crowdfundingplatforms

Aanbieders van crowdfundingplatforms die onder de Wft vallen, moeten aan bepaalde inhoudelijke eisen voldoen. Op de eerste plaats worden er door de AFM zelf voorschriften verbonden aan de verleende vergunningen en ontheffingen (zie ook het voorbeeld op de website van de AFM onder “Voorschriften bedrijfsvoering”). Deze voorschriften kunnen op verschillende onderwerpen betrekking hebben, zoals:

1. Het maximumbedrag waarvoor de geldgever via het platform mag investeren.

2. De verplichting tot het afnemen van een investeerderstoets. Dat wil zeggen dat het platform vooraf moet controleren of de door een geldgever voorgenomen investering verantwoord is.

3. De verplichting tot het verstrekken van informatie. Zo kan het platform verplicht worden om vooraf duidelijke informatie te verstrekken over de gepubliceerde crowdfundingsacties, zodat de geldgever een weloverwogen keuze kan maken om al dan niet te investeren.

Verder moet het crowdfundingplatform natuurlijk rekening houden met de algemene voorschriften die voortvloeien uit de Wft en aanverwante wet- en regelgeving, zoals het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen (BGfo). Hier komen onder meer verplichtingen uit voort met betrekking tot de betrouwbaarheid en geschiktheid van de dagelijks beleidsbepalers en andere sleutelpersonen binnen de organisatie. Ook zijn hierin voorschriften opgenomen met betrekking tot de inrichting van de bedrijfsvoering door de platformaanbieder. Daarnaast kan de platformaanbieder te maken krijgen met de zogeheten “prospectusplicht” en kunnen er eisen gelden voor het minimumvermogen. De precieze voorwaarden waaraan het platform moet voldoen, zijn afhankelijk van de wijze waarop het platform is ingericht en de vorm van crowdfunding die via het platform wordt aangeboden. Het voert te ver om dat in deze blog volledig uit te werken.

Indien de AFM een ontheffing of een vergunning verleent, wordt het platform ingeschreven in een openbaar register (zie ook hier). Daarnaast zal de platformaanbieder twee keer per jaar een monitoringsformulier moeten indienen bij de AFM. Op die manier probeert de AFM zicht te houden op de ontwikkelingen binnen de markt.

Naar een Europese Verordening

De Wft is grotendeels gebaseerd op Europese richtlijnen, maar het financiële toezichtrecht is niet volledig geharmoniseerd. Dit kan belemmeringen met zich meebrengen indien een crowdfundingplatform grensoverschrijdend zijn diensten wil aanbieden. Om deze belemmeringen weg te nemen (of in ieder geval te beperken), wordt er in Europa gewerkt aan een nieuwe verordening. In de blog van volgende week staan we stil bij het voorstel voor de Europese Crowdfundingverordening en de mogelijke gevolgen van de invoering daarvan.

Deze blog maakt deel uit van een blogserie (lees hier onze introductieblog). Houd onze website in de gaten voor onze vervolgblogs over dit onderwerp.

Bram de Vos

Juridisch adviseur

Bram de Vos werkt als juridisch adviseur bij ICTRecht en is gespecialiseerd in juridische vragen rondom cloud computing en fintech. Bram houdt zich bezig met het opstellen en uitonderhandelen van IT-contracten en adviseert onder andere in complexe IT-migratietrajecten. Hij heeft ervaring met contractenrecht en intellectueel eigendomsrecht. Ook adviseert hij over vragen met betrekking tot financieel recht, privacy en telecommunicatierecht.


Er zijn nog geen reacties.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Uw persoonsgegevens gebruiken wij alleen voor het plaatsen en verwerken van uw reactie. Lees de privacyverklaring voor meer informatie