Locatie Amsterdam
Jollemanshof 12
1019 GW Amsterdam
Telefoon
020 663 1941
E-mail
info@ictrecht.nl
KvK
34216164
BTW
NL8223.30.040.B01
Locatie Groningen
Leonard Springerlaan 35
9727 KB Groningen
Telefoon
050 209 34 99
E-mail
info@ictrecht.nl
KvK
68038712
BTW
NL857275835.B01
Locatie Brussel
Avenue Louise 65
1000 Brussel
Telefoon
+32 (0)2 535 77 55.
E-mail
info@legalict.com
Ondernemingsnummer
0696.909.465
BTW
BE 0696.909.465
Terug naar overzicht

Hoe zit dat nu precies met de eis van achteraf betalen bij een internetaankoop?

25 februari 2011 Door

Mag een winkelier nu wel of niet betaling vooraf eisen? Naar aanleiding van mijn lezing op de Webwinkel Vakdagen ontstond bij Webwinkelforum een interessante discussie over wat de wet eist over achteraf kunnen betalen. Mijn collega Veerle schreef al een uitgebreide blog daarover, maar laten we toch nog eens kijken hoe het nu exact zit volgens de wet. Leeswaarschuwing: vele wetsartikelen, maar u wilde weten hoe het exact zit, toch?

Artikel 7:26 BW bepaalt dat de koper verplicht is de prijs te betalen. Lid 2 bevat een speciale regel voor vooruitbetaling: bij een consumentenkoop mag de koper worden verplicht tot vooruitbetaling van hooguit 50%. Dit lid staat onder het kopje “Verplichtingen van de koper” maar is in feite een uitzondering op die verplichtingen. Een “consumentenkoop” is (art. 7:5 BW) een koop waarbij de verkoper een bedrijf is en de koper een consument, oftewel een natuurlijk persoon die niet handelt vanuit beroep of bedrijf. Bij een “gewone” koop geldt deze speciale regel niet. Een bedrijf of stichting kan dus zomaar worden verplicht tot 100% vooruitbetaling.

De speciale regel van artikel 7:26 BW geldt bij alle consumentenkopen, dus niet alleen bij verkoop op internet. Wie een keuken bestelt bij de keukenboer om de hoek, hoeft dus óók niet meer dan de helft aan te betalen. Bij de koop van een huis of het boeken van een reis (en nog een paar speciale gevallen) geldt vaak echter een grens van 10% in plaats van 50% (zie lid 4 en 5).

Nu komt het lastige: het is in principe toegestaan om af te wijken van de speciale regel van artikel 7:26 BW, maar daarbij gelden wel een paar bijzondere spelregels. Deze staan in artikel 7:6 BW. Lid 1 daarvan zegt dat je niet ten nadele van de koper mag afwijken van de regels over koop en verkoop wanneer het een consumentenkoop is. Lid 2 zegt echter dat dit niet geldt voor 7:26 BW, oftewel je mag wél ten nadele van de koper afwijken van de regel “maximaal 50% aanbetalen”. Je mag dus wél de consument verplichten tot aanbetalen van meer dan 50% – alleen mag dat niet in algemene voorwaarden.

Volledige vooruitbetaling eisen mag dus alleen als dat expliciet met de consument afgesproken wordt. Je moet als winkelier dus in onderhandeling met de  consument of hij bereid is tot volledige vooruitbetaling. Als je alleen in je kleine lettertjes zet dat vooruit betaald moet worden, dan kun je dat niet afdwingen bij de rechter.

Hoe spreek je dat nu expliciet af? Daar is – voor internetverkopen – niet echt duidelijkheid over. Je zou kunnen zeggen dat je het de consument expliciet moet vragen en dan zijn antwoord moet afwachten. Maar iets implicieter kan ook. Legaal is bijvoorbeeld in de lijst met betaalmethoden één manier opnemen die achterafbetaling is (bijvoorbeeld rembours of een acceptgiro bij bezorging). De consument kan dan kiezen welke betaalmethode hij wil. Kiest hij dan voor bijvoorbeeld iDeal, dan is dat zijn keuze en daarmee is een expliciete afspraak gemaakt.

Ook een vorm van achterafbetaling is de creditcard – mits deze maar pas belast wordt bij het moment van aflevering. Dat blijkt uit het arrest in de HCC/Dell-zaak uit 2005, punt 34.

Een suggestie die wij wel eens zien is dat de winkelier vóórdat de koop gesloten wordt, met grote letters kan melden “Let op: alleen vooruitbetaling”. Gaat de consument dan bestellen, dan is hij kennelijk akkoord daarmee. Dát is echter waarschijnlijk niet legaal. Een dergelijke tekst is volgens de definitie een algemene voorwaarde (art. 6:231 BW). Het maakt niet uit of deze in het document met algemene voorwaarden staat. Het enkele feit dat die tekst bestemd is voor meerdere klanten maakt hem al een algemene voorwaarde. En het is niet toegestaan in algemene voorwaarden vooruitbetaling te eisen. Dus óók niet met zo’n expliciete tekst.

Je mag als winkelier de consument wel individueel benaderen en dán vragen “Goh wilt u misschien vooruit betalen?” Met zo’n individueel gestelde vraag is geen sprake van een algemene voorwaarde, omdat deze niet per definitie aan alle consumenten gesteld wordt. Maar voor webwinkels is dit lastig uit te voeren omdat zij vaak een vrijwel volledig geautomatiseerd proces hebben.

Zeker weten dat u voldoet aan alle relevante webwinkel regelgeving?

Webwinkels hebben te maken met speciale juridische eisen. Zo schrijft de wet voor dat u zich moet identificeren, dat uw algemene voorwaarden op een specifieke manier moeten worden aangeboden en dat u in een privacyverklaring moet toelichten wat u doet met persoonlijke informatie.

> Aanvragen van webshop scan of maak zélf juridische webwinkel documenten 

Arnoud Engelfriet

Algemeen directeur / Opleidingsdirecteur

Arnoud Engelfriet is algemeen directeur en opleidingsdirecteur bij ICTRecht. Hij is gespecialiseerd in internetrecht waar hij zich al sinds 1993 mee bezighoudt. Met zijn informatica-achtergrond richt hij zich graag op complexe technisch/juridisch ICT-vraagstukken en softwarelicenties (met name open source). Zijn website Ius mentis is één van de populairste van Nederland over ICT en recht.


Er zijn 9 reacties

  1. Je spreek expliciet af dat er alleen vooruitbetaald kan worden door een checkbox op te nemen die de consument moet aanvinken. Daar heb je geen betalingsoptie voor nodig waarbij je wel achteraf kunt betalen.

    Een algemene voorwaarden is een beding dat is bedoelt om in meerdere overeenkomsten te worden opgenomen. Wanneer de verkoper een keuze bied dan voorkomt hij daarmee nog niet dat hij bedingen aan opstellen is om in meerdere overeenkomsten op te nemen.

    Per individuele afspraak kun je wel afwijken, maar dat is om dergelijke bedingen zijn gemaakt om alleen in die ene overeenkomst op te nemen.

    Bij de behandeling van de richtlijn oneerlijke bedingen heeft de minister nog toegelicht dat de verkoper zich niet onder het algemene voorwaarden regiem kon uitwurmen door de wederpartij keuzes te bieden (Zie kamerstuk 26470 nr. 5 p. 1).

    Bij HCC/Dell moet in het achterhoofd gehouden worden dat het Hof te maken het een toetsingskader waardoor ze zich moest leiden door de situatie van de overwegende meerderheid aan klanten. Ze heeft dus niet geoordeeld dat het niet onredelijk bezwarend is om achteraf betaling alleen middels de creditcard aan te bieden aan de enkele klant die hierover niet beschikt. Zie r.o. 13.

    Wanneer een wederpartij beschikt over een creditcard dan verplicht je hem niet tot vooruitbetaling wanneer je hem daarnaast ook nog een mogelijkheid bied om het volledige bedrag vooruit te betalen. Maar daarmee is niet gezegd dat wanneer de wederpartij in dezelfde situatie niet verplicht tot vooruitbetaling wanneer hij niet over een creditcard beschikt.

    “U moet maar een creditcard afnemen, want de meeste van onze klanten beschikken daarover”, klinkt mij niet echt redelijk in de oren.

  2. Hmm. Misschien is het onjuist om het keuzescherm een voorwaarde te noemen. Een keuze lijkt me wezenlijk wat anders dan een voorwaarde, zeker omdat deze keuze ook een situatie oplevert waarin de consument géén voorafbetaling hoeft te doen (bv. rembours of creditcard die achteraf wordt belast).

    Verder is het belangrijk dat de keuze voor het sluiten van de overeenkomst wordt gemaakt. Dan kan de consument nog vrijelijk afhaken. Ik denk dat dat het punt van het wetsartikel is.

    Met de mogelijkheid dit in AV te regelen, kun je zwijgen over de betaaleis en pas na ondertekening zeggen “en dan had ik nu graag 100% vooruit betaald”. Dan staat de consument zwak want hij heeft al aanvaard. Moet je het vóór aanvaarding melden, dan kan de consument het aanbod weigeren.

    Je noemde kamerstuk TK 1998/1999 26470 nr. 5 p. 1:

    Als voorbeeld kan worden genoemd dat de richtlijn niet geldt voor bedingen waarover is onderhandeld, terwijl de Nederlandse regeling daarvoor wel geldt, zodat in Nederland het niet mogelijk zal zijn het dwingende regime voor algemene voorwaarden te ontwijken door te pretenderen dat over een of meer bedingen van die voorwaarden afzonderlijk is onderhandeld. Het is immers niet moeilijk in de voorwaarden variaties aan te brengen, eventueel verbonden aan prijsverschillen, en de consument daartussen mondeling te laten kiezen.

    Ik denk dat dit gaat over situaties waarin in de AV opties staan, waar je als consument pas achteraf achterkomt op basis van je keuze. “Indien consument de goedkope variant kiest, is vervoer voor zijn risico”. Dus hetzelfde als wat ik aanstip: dat je als consument pas ná aanvaarding ontdekt dat er een addertje onder het gras zit in je overeenkomst.

    Ik kan me niet voorstellen dat wordt bedoeld “indien de consument een keuze maakt uit een lijst, is de gekozen optie een algemene voorwaarde”.

    Verder vind ik ‘pretenderen dat is onderhandeld’ niet hetzelfde als de enkele situatie dat de consument mag kiezen in plaats van vrije tekst invullen. Dan is vrijwel elke consumentenkoop in de problemen, want écht onderhandelen zoals in b2b transacties zit er gewoon niet in.

    De vervolgvraag is of een creditcard een achterafmethode is, en of het redelijk is om die methode als enige alternatief te pushen. Ik meen van wel, vandaag de dag kan iedereen een creditcard krijgen. Maar ik geef toe dat daarover te twisten valt.

    Een laatste argument, een tikje flauw: stel dat je gelijk hebt en dat er geen optie is om via een menu in een webshop een achterafkeuze te bieden. Dat elke manier die je doet tegen 7:6 lid 2 aanbotst. Dan moet dus heel e-commerce Nederland op de schop: óf je gaat naar alleen achteraf betalen, óf je sluit je webwinkel. Dat is ondenkbaar, te onredelijk gezien de praktijk.

  3. De voorwaarde dat de koper het volledige bedrag vooruit moet betalen indien er middels overboeking wordt betaald, is een beding dat is opgesteld om in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen en is daarmee een algemene voorwaarden (art. 6:231 sub a BW).

    De wederpartij is aan de algemene voorwaarden gebonden ongeacht of hij de inhoud hiervan kende (art. 6:232 BW). De gebruiker staat daarmee niets in de weg om deze voorwaarden te verbergen in een document met de titel “Algemene voorwaarden”.

    Met pretenderen te onderhandelen doelt de wetgever op een situatie waarbij de gebruiker de wederpartij twee of meer voorwaarden voorhoud en hem daaruit laat kiezen. Dus a. u bent verplicht om het volledige bedrag vooraf over te boeken of b. u kunt achteraf betalen, waarbij de voorwaarde voor de bedingen a en b is dat je kiest voor respectievelijk overboeking of betaling via creditcard.

  4. Ik heb inmiddels de kamerstukken gevonden met betrekking tot de invoering van art. 7:26 lid 2 BW. De minister geeft hierin aan dat de tweede zin is op genomen met het oog op het opschortingsrecht ex art. 7:27 BW van de koper, doch dat hij niet redelijk acht om volledige vooruitbetaling te verbieden (TK 1981, 16979, nr. 3, p. 5). Het opschortingsrecht valt onder half-dwingend recht. Hiervan mag de gebruiker dus niet in het nadeel van de consument afwijken. Door volledige vooruitbetaling te bedingen omzeilt de gebruiker dat.

    Aan lid 2, bepalende dat de betaling moet geschieden ten tijde en ter plaatse van de aflevering, is een zin toegevoegd die deze regel ten behoeve van de koper in beginsel tot dwingend recht verklaart. Dit is vooral van belang voor het tijdstip van de betaling, in verband met het opschortingsrecht van de koper; men zie hieronder het nieuwe artikel 7.1.4.2a. Overigens schijnt het niet gerechtvaardigd een beding van vooruitbetaling geheel te verbieden; voorgesteld wordt een zodanig beding voor ten hoogste de helft van de prijs toe te laten. Over de wijze en de plaats van betaling van geldschulden bevat afdeling 6.1.9A nadere bepalingen. Ten zijner tijd zal worden bezien of in verband daarmee een nadere voorziening in de onderhavige regeling moet worden opgenomen. (TK 1981, 16979, nr. 3, p. 5)

    In de door de leden van de VVD. fractie gereleveerde bezwaren zien wij aanleiding de bepaling van lid 2, tweede zin, in die zin te wijzigen dat zij slechts op afwijking bij algemene voorwaarden betrekking heeft. Zie art. 7.1.1.4a lid 2. Derhalve zijn partijen vrij om nadere afspraken te maken over tijd en plaats van betaling, een onderwerp dat zich voor individuele bedingen leent. Men zie het eerder in deze memorie bij artikel 7.1.1.4a onder 1 opgemerkte. (TK 1985-1986, 16979, nr. 8, p. 25)

  5. IS het wel een voorwaarde? Immers er wordt overeenstemming verkregen over de betaalwijze nog voordat het aanbod wordt aanvaard. Dus hoe is “kies ideal of creditcard” een beding IN de overeenkomst?

    Ik begin steeds meer te neigen naar een lezing dat het een aparte keuze is, juist omdat deze expliciet in beeld komt en de consument probleemloos kan afhaken. Hij zit nog nergens aan vast wanneer de vraag “kies ideal of creditcard” op het scherm komt.

    De keuze van de consument is an sich een algemene voorwaarde, dat is waar. Maar is het KEUZEMENU zelf ook een AV? Dit menu is niet bestemd om als zodanig in overeenkomsten opgenomen te worden. Het is bestemd om te bepalen WAT er in de overeenkomst komt.

    Verder zegt men dus dat deze keuze “een onderwerp [is] dat zich voor individuele bedingen leent”. Het gaat me te ver om dan te zeggen dat elke online keuze alsnog een “gepretendeerde” onderhandeling is. Ik blijf erbij dat dat gaat over trucjes die je verstopt in voorwaarden zodat je achteraf de consument kunt verrassen. Een beding dat vollédig bekend was bij de consument, expliciet in beeld was en nota bene afgestemd wordt voor sluiting overeenkomst, kan ik niet een fake-onderhandeling noemen.

  6. Ja, het natuurlijk is de betalingswijze een voorwaarde. De prijs is nog steeds een beding wanneer hier overeenstemming over wordt bereikt. Dat is vaste leer. Dus waarom zou dit voor de betalingswijze anders zijn? En de betalingswijze is hoe je het went of keer geen kernbeding.

    Wanneer de ondernemer vooraf duidelijk en expliciet aangeeft dat de consument altijd vooraf moet betalen dan heeft deze de keuze tussen een overeenkomst sluiten of niet. Waarom zou dat opeens anders zijn?

    Het keuzemenu zelf hoeft geen algemene voorwaarden te zijn. Maar de opties zijn afzonderlijk wel een algemene voorwaarden.

    Betaal vooruit met iDeal is een algemene voorwaarden, ook als daarnaast gekozen kan worden voor betaal achteraf met een creditcard.

    4.3. (…) geldt dat een beding in de algemene voorwaarden inhoudende vooruitbetaling door de consument van de volledige koopprijs, onredelijk bezwarend en dus vernietigbaar is (artikel 7:26 lid 2 BW in samenhang met artikel 7:6 lid 2 BW). De bepaling omtrent de mogelijke betalingswijzen op de website, waaruit de consument tijdens de bestelprocedure een keuze moet maken, is naar het oordeel van de kantonrechter aan te merken als een algemene voorwaarde, te weten een beding opgesteld teneinde in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen en dat niet de kern van de prestaties aangeeft (artikel 6:231 aanheft en onder a BW).

    Rechtbank Utrecht 31-10-2012, 792074 UC EXPL 12-791

  7. Mooi zo, dan zijn we het bijna eens!

    Het klopt dat de opties an sich algemene voorwaarden zijn.

    Mijn visie op het proces is dat de consument kiest welke AV hij in de overeenkomst wil. Hij krijgt een setje aangereikt, inclusief een keuze voor een achteraf-optie. De consument kiest, en wel vóórdat hij de overeenkomst sluit.

    Wanneer gekozen is voor de achterafmethode, dan is “Ik zal met iDeal betalen” geen deel van de overeenkomst. DIe optie is immers niet gekozen.

    Ik denk dat de keuze essentieel is. Als je alleen maar zegt “Let op u moet meteen betalen” dan geef je geen keuze. Met een menu kan de consument ook de maatschappelijk wenselijke constructie van overeenkomst met achterafbetaling aangaan. Dat is de bedoeling van het verbod uit 7:6 lid 2: winkels, laat consumenten achteraf betalen als ze dat willen.

    Helaas staat het complete vonnis waaruit je citeert neit online. Ik kan dan ook niet goed inschatten waarom deze rechter dit concludeert. Ik ben het er niet mee eens; het keuzemenu is geen deel van de ovk en dus ook geen algemene voorwaarde daarbij.

  8. Het hangt af van je kijk op de zaak. Er is voor beide standpunten wel wat te zeggen. Bijvoorbeeld bij CleverCow.nl doe je eerst een product in een winkelwagentje en daarna druk op bestellen. Hierin kun je al een aanvaarding lezen. Daarna moet je kiezen uit verschillende betalingsmogelijkheden. En vergelijk dit eens met een offline winkel. Mag de verkoper de prijs van een product verhogen als je voor de kassa in de rij staat?

    Maar voor deze discussie maakt het niet zo veel uit wanneer de bedingen onderdeel zijn gaan maken van de overeenkomst. Het gaat er hier ten slotte over of je middels algemene voorwaarden van de wederpartij mag verlangen dat deze het volledige aankoopbedrag vooruit mag betalen.

    De bedoeling van het verbod ex art. 7:26 lid 2 jo 7:6 lid 2 BW is dat er niet middels algemene voorwaarden vooruitbetaling van meer dan 50% wordt bedongen. Dwingend recht was ten slotte ook heel geschikt geweest om de winkelier te verplichten een keuze te geven. De wetgever heeft echter gemeend het regiem te verlichten omdat er afspraken gemaakt moesten kunnen worden over de tijd en de plaats van betaling.

  9. Hoi Arnoud,

    Als je iets een tijdje hebt laten liggen dan kijk je soms anders op.

    Met art. 7:26 lid 2 jo 7:6 lid 2 BW wordt verboden om per algemene voorwaarden volledige vooruitbetaling te bedingen. En in je laatste beschrijf concludeer je dat de opties algemene voorwaarden zijn. Een plus een is dan toch twee?

    Groet,
    Alex

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Uw persoonsgegevens gebruiken wij alleen voor het plaatsen en verwerken van uw reactie. Lees de privacyverklaring voor meer informatie